MEDEMBLIK - De rechtbank Noord-Holland geeft een vrouw een half jaar cel, waarvan vier maanden voorwaardelijk, voor aanranding van een patiënt. De man verbleef in een zorginstelling in Medemblik waar de verdachte werkte.

Seksueel contact

De vrouw heeft van oktober tot december 2024 verschillende seksuele handelingen verricht met een man die in de zorginstelling verbleef waar zij werkte. Volgens de verdachte had de man wel een licht verstandelijke beperking, maar kon hij prima zijn wil bepalen en wilde hij het seksuele contact zelf ook.

Beslissing van de rechtbank


De strafrechtelijke bescherming tegen aanranding en verkrachting is sinds de invoering van de nieuwe wet seksuele misdrijven uitgebreid en gemoderniseerd. Seks hoort vrijwillig en gelijkwaardig te zijn. Die vrijheid ontbreekt als het slachtoffer op een bepaalde manier afhankelijk is van de verdachte. Het slachtoffer heeft een licht verstandelijke beperking, functioneert op sociaal emotioneel gebied op het niveau van een 8 tot 12-jarige en is makkelijk te beïnvloeden. Hij heeft op verschillende gebieden hulp en begeleiding nodig en kan niet zelfstandig wonen. De verdachte wist dit. Zij werkte in de instelling en had -onder meer- de taak om het slachtoffer te begeleiden.

In drie maanden tijd had de verdachte meerdere keren seksueel contact met het slachtoffer. Volgens de rechtbank was er sprake van een dusdanige functionele ongelijkwaardigheid tussen hen, dat het slachtoffer niet goed kon bepalen of hij het seksuele contact met de verdachte echt wilde. Daarom had de verdachte geen seks met hem mogen hebben.

De rechtbank houdt bij het vaststellen van de straf rekening met het feit dat de verdachte vrijwillig behandeling heeft gezocht bij de GGZ, dat ze haar baan kwijt is geraakt en nooit meer in de zorg kan werken. De verdachte krijgt een gevangenisstraf van zes maanden, waarvan vier maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar.