HOORN - In 2023 legde de rechtbank Noord-Holland een dansleraar, naast een gevangenisstraf, een beroepsverbod op van vijf jaar voor ontucht met twee minderjarige leerlingen. De rechtbank wilde dat beroepsverbod direct in laten gaan, ongeacht een eventueel hoger beroep. Direct na uitspraak bleek dat dat wettelijk niet kan: een beroepsverbod kan pas uitgevoerd worden als geen beroep bij een hogere rechter meer mogelijk is. De dansleraar tekende na de uitspraak hoger beroep aan en kon dus zijn werk blijven doen.
Rechtbank betreurt fout
De rechtbank betreurt de fout in het vonnis én dat zij daarover onvoldoende heeft gecommuniceerd. Met een rectificerend nieuwsbericht was direct voor iedereen duidelijk geweest dat de dansleraar in afwachting van het hoger beroep door kon gaan met het geven van dansles.
Intentie
De rechtbank had de uitdrukkelijke intentie om dit beroepsverbod direct in te laten gaan, ongeacht een eventueel hoger beroep. De rechtbank hield er namelijk ‘ernstig rekening’ mee dat de verdachte opnieuw in de fout zou gaan. De rechtbank publiceerde het vonnis- U verlaat Rechtspraak.nl dezelfde dag op rechtspraak.nl, inclusief een nieuwsbericht- U verlaat Rechtspraak.nl, en de zaak kwam lokaal in het nieuws.
Direct beroepsverbod onmogelijk
Een dag later ontdekten de rechters die de uitspraak hadden gedaan dat de wet niet toestaat om een beroepsverbod direct in te laten gaan als nog hoger beroep mogelijk is. Het vonnis was dus deels onuitvoerbaar. Er was ook geen weg terug: de wet staat niet toe een vonnis na uitspraak aan te passen. De verdachte kon dus dansles blijven geven in afwachting van het hoger beroep. De rechtbank meldde de onuitvoerbaarheid wel via een aanvullend proces verbaal aan het Openbaar Minsiterie en de advocaat van de veroordeelde.
Slachtoffers
De slachtoffers waren niet op de hoogte van het feit dat de verdachte nog zijn werk kon uitoefenen. Het Openbaar Ministerie, dat het contact onderhoudt met de slachtoffers, heeft hen destijds wel per brief op de hoogte gesteld van het vonnis en het ingestelde hoger beroep, maar niet over het feit dat het beroepsverbod toch niet direct kon ingaan. Inmiddels zijn de slachtoffers daarover wel geïnformeerd.
Journalist deed navraag
De rechtbank communiceert nu alsnog over het niet-uitvoerbare beroepsverbod door recente vragen van een onderzoeksjournalist van het Noordhollands Dagblad- U verlaat Rechtspraak.nl. Hij had ontdekt dat de verdachte nog steeds als dansleraar werkt, terwijl in de gepubliceerde uitspraak juist stond dat het beroepsverbod direct uitvoerbaar was.
Voorkomen
Om dit in de toekomst te voorkomen, krijgen rechters en gerechtsjuristen nu de instructie om een fout in een uitspraak die niet met een herstelvonnis kan worden rechtgezet, te melden bij hun leidinggevende en de communicatieafdeling. Op basis van die melding wordt beoordeeld wie op de hoogte moeten worden gebracht van deze fout.
Hoger beroep: oktober 2026
Het hoger beroep in de zaak van de dansleraar staat gepland op 8 oktober 2026 bij het gerechtshof in Amsterdam. Tot de uitspraak in hoger beroep definitief is, zal de door de rechtbank opgelegde straf nog niet worden uitgevoerd. Dat geldt voor zowel de opgelegde gevangenisstraf, als voor het beroepsverbod.

17.0 ℃









































































